Previous Next

Terugblik Economisch Platform 5 april 2018

Terugblik Economisch Platform 5 april 2018
De economie verandert. Bedrijven verlaten de traditionele werklocaties en vestigen zich op nieuwe plekken. Plekken waar de ruimte wordt gedeeld met andere functies. De scheiding tussen wonen en werken vervaagt in toenemende mate. Daarbij hebben bedrijven steeds meer behoefte aan flexibiliteit.

Welke ontwikkelingen zien we op dit moment? Wat zijn de wensen en eisen, die bedrijven hebben ten aanzien van hun toekomstige werklocatie? Hoe kan de overheid inspelen op deze ontwikkelingen? En hoe borgen we de ruimtelijke kwaliteit en de belangen van alle gebruikers?

Deze vragen stonden centraal tijdens de bijeenkomst van het Economisch Platform, dat werd gehouden in het voormalige Tweede Gesticht in Veenhuizen, waarin nu het Nationaal Gevangenismuseum is gevestigd.

Rondrit met de 'Boevenbus'
Al om vier uur 's middags melden zich de eerste bezoekers van het Economisch Platform voor het voorprogramma. Een rondrit met de oude 'Boevenbus' door Veenhuizen en omgeving; het oude 'Pauperparadijs' en de verschillende gevangenissen. Een bijzondere ervaring, die een prachtig beeld liet zien; zowel van het verleden, als van de nieuwe activiteiten. Diverse ondernemers en culturele initiatieven brengen nu de historie weer tot leven met nieuwe invullingen en ambachten.

Om vijf uur begon het eigenlijke programma. Dagvoorzitter Joop Boertjens opende, heette iedereen van harte welkom en kondigde de sprekers aan.

Veenhuizen, nieuwe toekomst als uniek ensemble
Onder deze noemer presenteerde wethouder Henk Kosters zijn verhaal over de uitdaging waarvoor de gemeente Noordenveld zich met het gevangenisdorp Veenhuizen ziet gesteld. Veenhuizen werd in de 19e eeuw ontwikkeld door de Maatschappij van Weldadigheid; een sociaal experiment, bedoeld om arme paupers uit het Westen een nieuwe toekomst te geven.

Wethouder Kosters zette de kerngetallen uiteen (1) en schetste in een enthousiast verhaal wat er in de afgelopen 15 jaar in samenwerking tussen rijk, provincie en gemeente qua herontwikkeling tot stand is gebracht. Enkele highlights:

  • het Nationaal Gevangenismuseum
  • het ambachtscluster, met bedrijven als Maallust, Robuust Eiken en Kaaslust
  • het Hospitaal-complex, met hotel-restaurant Bitter en Zoet en een rugkliniek

Wat maakt Veenhuizen nu bijzonder als vestigingslocatie? De geschiedenis, de afzondering (maar toch dichtbij Assen en Groningen), de ontwikkeling en innovatie en de zichtbare inspanning die het heeft gebracht tot wat het nu is.

Wat goed is: 124 rijksmonumenten, 576.000 bezoekers in 2017 en wat beter kan: 11 euro aan gemiddelde bestedingen per bezoeker

The Next City
Vervolgens was het aan dagvoorzitter Boertjens om Jeroen Westendorp als volgende spreker aan te kondigen. Jeroen Westendorp was tot voor kort bij de gemeente Groningen verantwoordelijk voor ruimtelijke economie (en is nu wethouder in de gemeente Noordenveld).

Vanuit deze achtergrond neemt hij het publiek mee in de nieuwe strategische koers van de gemeente Groningen - 'The Next City' - om van daaruit de focus te leggen op de ruimtelijke economische strategie. Westendorp ziet de ruimtelijke decentralisatie als de volgende belangrijke uitdaging voor gemeente. Daarbij is het streven gericht op ‘leefkwaliteit'.

Enkele cijfers:

  • als groeiende stad in een krimpende omgeving verwacht Groningen dat er 20.000 extra woningen nodig zijn;
  • ook zullen er tot 2035 tussen de 7.000 en 22.000 nieuwe banen ontstaan, voornamelijk in de financiële en zakelijke dienstverlening.

Uitdaging is dan om het werken onderdeel te laten zijn van het nieuwe woongebied: "Wil je aantrekkelijk blijven, dan gaat het om de mix!". En totdat het eindbeeld is gerealiseerd, is er wat betreft Jeroen Westendorp volop ruimte voor experimenten. Met als aansprekende voorbeelden de Big Building en de voormalige Suikerfabriek.

Ralph Steenbergen - oprichter van de Big Building en sinds kort bezig met de herontwikkeling van het voormalige V&D-pand als locatie voor tijdelijke winkeltjes - heeft in de kerngroep van het Economisch Platform het thema van deze bijeenkomst geagendeerd. Daarom kreeg hij van dagvoorzitter Boertjens als eerste de gelegenheid om een reactie te geven. Dat deed hij met een kritische toon: Ook The Next City gaat grotendeels over monofunctionele gebieden, terwijl volgens Ralph Steenbergen het DNA van de gebruikers - bewoners èn ondernemers - voorop zou moeten staan: "We willen wel een mix, maar we bestemmen te algemeen (commerciële ruimte), waardoor een belegger vrijwel altijd voor het hoogste rendement kiest".

Keynote Vincent Taapken: Mixed emotions - Mixed use
De reactie van Ralph Steenbergen hing nog in de lucht toen Vincent Taapken het stokje over mocht nemen en op zijn beurt ook om een reactie werd gevraagd. Vincent Taapken bleek het eens te zijn met Ralph Steenbergen: "The Next City is een goed verhaal, maar ouderwets ingestoken". Een belangrijke valkuil is, dat gemeenten zaken blijven doen met grote ontwikkelaars. En die halen hun rendement traditiegetrouw uit bouwen voor een belegger, die het vervolgens verhuurt. "Je moet de cultuur van 'zo doen we het altijd' loslaten, om te kunnen doen wat ondernemers willen". Overigens is Vincent Taapken van mening, dat je als stad überhaupt niet zou moeten beginnen aan nieuwe uitleglocaties. Daarover later meer.

Vincent Taapken is ondernemer, vastgoedontwikkelaar (New Industry Development) en was schaduwwethouder in Rotterdam. Stedelijke gebieden kunnen zich volgens hem alleen op een goede manier ontwikkelen wanneer gebruikers intrinsiek gemotiveerd zijn, om daar zelf iets aan bij te dragen: "Mensen moeten zich kunnen 'wortelen'". Om die reden kiest hij er als ontwikkelaar voor om panden rechtstreeks aan de toekomstige gebruiker te verkopen. Dan creëren gebruikers waarde, waardoor de totale waarde van een gebied ver boven de initiële waarde uit stijgt. Waarde door gebruik.

Hij signaleert vier trends: verstedelijking, generation shift, klimaatverandering en digitalisering. Van die vier is het met name de digitalisering, die - zonder dat beleidsmakers het echt beseffen - de meeste invloed heeft op hoe wij de ruimte (gaan) gebruiken. Digitalisering stimuleert ontmoeting, flexibiliteit en mobiliteit. We zijn in verbinding met steeds meer mensen, we willen steeds sneller schakelen en moeten overal naar toe. En hoe meer we functies verspreiden, hoe verder buiten het centrum we bouwen, hoe meer de mobiliteit(sbehoefte) toe zal nemen.

Tot in de 17e eeuw was - het ommuurde - Groningen een compacte stad. Daarna besloten we om buiten de stad te gaan wonen. En legden we parkeerplaatsen aan aan de rand van de stad voor als we in de stad moesten zijn. En dat laatste doen we nog steeds. Terwijl daar straks niemand meer gaat parkeren. Dan reizen we met een zelfrijdende deelauto, of parkeert je auto zichzelf buiten de stad. Zie hoe ver de Ubers en autofabrikanten nu al zijn met de zelfrijdende auto: die komt er aan!

Dat is ook de reden dat afstanden er nog minder toe gaan doen. Nu is de auto verspilde tijd, straks is de auto het moment om te slapen, werken, ontspannen of vergaderen. Kortom: Groningen, koester je groene omgeving! Want mensen wonen in de compacte stad, of op het platteland. Niet aan de randen. The countryside is the future of the world!

Tafeldiscussie
Om het vertelde te kunnen verwerken nodigde Joop Boertjens de gasten uit voor een korte pauze. De pauze bleek wat langer want de soep werd heet opgediend, maar des te frisser gingen de aanwezigen de discussie in. Aan de hand van een tweetal stellingen en onder leiding van de kerngroepleden werden in groepjes levendige gesprekken gevoerd.
Stelling 1: In bestemmingsplannen wordt de bestemming van een gebied vastgelegd en daarmee zijn ze per definitie defensief van karakter!
Stelling 2: Hoe vinden we het goede midden tussen geregeld Nederland en 'Welstandsvrij' België?

Vervolg
Men constateerde al snel dat stelling twee geen stelling is, maar een vraag. Dagvoorzitter Boertjens besloot het discours niet samen te vatten, daarvoor was deze te breed. De tafeldiscussie leverde meer dan voldoende gespreksstof op om er een vervolg aan te geven. Vanuit de kerngroep ondernemers deed Joop Boertjens de oproep aan de aanwezigen zich aan te melden voor een werkgroep om dat vervolg vorm te geven. Samen onder anderen met Ralph Steenbergen en Joop Boertjens is het doel om dan de inspiratie van 5 april om te zetten in actie. Mocht u daar graag aan willen meewerken: meldt u dan aan Guus Receveur (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.) of Luuk Ronde (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.).

Tot slot
Het antwoord dat tijdens de tafeldiscussie het meest werd gehoord geeft ook aan waarom bestemmingsplannen niet per definitie defensief van karakter hoeven te zijn. Dat antwoord is samengevat: globaal bestemmen volgens een visie voor een gebied, met ruimte voor het experiment en het gesprek. Vrijheid waar het kan, kaderen waar het moet!

Het Economisch Platform dankt het gevangenismuseum Veenhuizen en de gemeente Noordenveld voor de gastvrijheid en het informatieve programma. Restaurant Bitter & Zoet verzorgde een uitstekend buffet, ook daarvoor onze dank!

 

Regio Groningen-Assen